Tolereren

‘Tolereren’ is een woord met een bijsmaakje. Het komt op mij over alsof je je eigenlijk aan iemand stoort, maar dit niet laat blijken. Het is niet voor niets een synoniem van ‘gedogen’. Het heeft iets dubbele-agenda-achtigs ten opzichte van degene die je tolereert. Alsof je jezelf eraan moet herinneren dat ‘hij of zij nou eenmaal niet beter weet’. Bah.

De mate van tolerantie wordt niet alleen bepaald door hoe anders de ander is – wat redelijk subjectief is –, maar ook door hoe open je hiervoor staat; in hoeverre je om kunt gaan met, of een probleem maakt van de onderlinge verschillen. Het wijst dus op een (subjectieve!) schaal: van intolerant (moet ik níks van weten), naar tolerant (vooruit dan maar), tot open, gastvrij of… hoe noem je eigenlijk het tegenovergestelde van intolerant?

Vrede

Zolang veiligheid moet worden afgedwongen, houden we onbewust vast aan dreiging, aan angst: afgedwongen veiligheid is onderdrukte angst. Zolang veiligheid niet vanzelfsprekend is, kunnen we geen vrede ervaren – enkel kortstondig, als opluchting.

Veiligheid is niet hetzelfde als vrede. Vrede gedíjd in veiligheid. Veiligheid is de vruchtbare bodem waarin vrede tot bloei komt. Vrede is de glimlach van een onbekende, ‘dankjewel’ en ‘sorry’ kunnen zeggen, iemand voorlaten bij de rij voor de kassa als hij alleen maar een pot pindakaas in z’n mandje heeft. Vrede is liefde.

Vrede is geen toekomstbeeld. Het bestaat enkel hier en nu. Daarom is veiligheid een basisvoorwaarde: angst trekt je uit het moment.

Hardloopblessure

Ineens een hardloopblessure. Voor ’t eerst. En ik denk dat ik weet hoe het komt.

Tijdens het rennen was ik me van alles aan het voorstellen, waardoor mijn hoofd en lijf niet op dezelfde plek waren. Alsof mijn benen m’n gedachten probeerden bij te houden.

Waarschijnlijk herken je dit: als je druk aan het nadenken, anticiperen of verheugen bent, dan doet je lijf mee. Mijn spieren kregen dus dubbele en tegenstrijdige signalen, waardoor m’n knie er niets meer van snapte en – au! – op slot schoot.

Voortaan ga ik proberen wat mindfuller te rennen. Of juist mindleger.