Service at the bar

Ik zou er haast een digital nomad voor worden: in buitenlandse steden als Berlijn, Praag, Bratislava en Boedapest stikt het van de cafés waar je ongestoord kunt werken, vanwege het ‘service at the bar’-concept.

Hier in Delft kun je naar mijn weten enkel bij de Coffee Company of de Starbucks op het station je koffie bij de bar bestellen. Cruciaal als ik wil werken, omdat ik dan niet telkens ‘Nee bedankt’ hoef te zeggen, of me verplicht voel nog een koffie te bestellen terwijl ik de vorige nét op heb – in sommige cafés wordt me tijdens mijn laatste slok al gevraagd of ik nog iets had gewenst, dat is zelfs irritant als je níét werkt.

In Den Haag heb ik iets meer keuze. Naast twee Coffee Company’s is er een Coffee Fellows (zeg maar de Duitse Coffee Company, maar dan met ‘zeepsop-cappuccino’s’ à la Starbucks) en de Koninklijke Bibliotheek (eigenlijk geen keuze, omdat je geen drinken mee de studeerzaal in mag nemen). Maar nu het kouder wordt en ik wat minder ver wil fietsen, had ik graag wat meer laptopvriendelijke koffietentjes in Delft gezien. En niet alleen koffietentjes: op donkere winteravonden zou ik best even warmpjes tussen andere laptoppers willen kruipen, met een donker biertje binnen handbereik. Om te werken hoor, begrijp me niet verkeerd.

Trouwens, aan alle horeca-ondernemers die dit lezen: als ik ongestoord kan werken, betaal ik graag wat meer voor mijn drankje of snack. Geen probleem, als ik mijn huis heb verkocht.

 

Zoals mijn laptop thuis tikt… (2)

Ik wíl het wel, en doe het ook regelmatig, maar echt wérken in koffietentjes, bibliotheken of andere buitenshuisplekken, om over terrasjes en exotische stranden – yeah sure! – nog maar te zwijgen, lukt me niet, omdat er altijd van alles beweegt achter mijn scherm. Het gepraat om me heen los ik wel op met oordopjes en Jungletrain.net, maar ook zonder op te kijken zie ik dat er iemand voorbijloopt. Of tegenover me gaat zitten. (En dan maar hopen dat het geen bekende is.) Doorgaan met het lezen van “Zoals mijn laptop thuis tikt… (2)”

Boekencafé

Ik schrijf dit op een zondagavond, thuis op de bank. Diezelfde bank waarop ik heel wat uren per dag doorbreng. Een heerlijke bank, met stevige, rechte rugzitting zodat ik niet in slaap sukkel tijdens het werken, wat me op m’n vorige, een Zweedse Karlanda, regelmatig overkwam. Maar daar gaat het nu niet om…

Het liefst zou ik nu een kroegje in duiken. Niet om te ouwehoeren, maar om te lezen of nog wat te werken. Of om dit stukje af te tikken. Overdag kan ik m’n hart ophalen bij diverse koffietentjes, maar ook ’s avonds zou ik soms nog even willen lezen of laptoppen in gezelschap van andere lezers en laptoppers. En dan met in plaats van een cappuccino zo’n andere schuimende rakker ernaast.

Kan toch in elke kroeg, zou je zeggen, maar ik weet inmiddels dat je bekijks trekt als je daar in je eentje gaat zitten lezen. Althans, hier in Nederland.

Iemand? Tips? Eerste biertje trakteer ik, maar ik neem wel m’n laptop mee 😉

 

 

ZZK-vriendelijke cafés (3)

Nu er zoveel koffietentjes en restaurantjes zijn waar je aan de bar of toonbank kunt bestellen, besef ik pas hoe klaar ik ben met bediening aan tafel. Niet alleen omdat ik graag een uurtje ongestoord wil kunnen werken achter m’n laptop, of bij wil kletsen met een vriend, maar het is dat hele rollenpatroon waar ik me ongemakkelijk bij voel: het heeft iets onderdanigs, doordat de ober of serveerster staat terwijl ik blijf zitten. Als hij of zij het dagmenu oplepelt, zíé ik mezelf kijken en voel ik me met de seconde ongemakkelijker. Doorgaan met het lezen van “ZZK-vriendelijke cafés (3)”

Zoals mijn laptop thuis tikt…

Dat digitale-nomadebestaan heeft zeker zijn voordelen – vrijheid, elke dag andere ‘collega’s’, goeie koffie, work and travel – maar toch verzet ik nergens zo veel werk als thuis.

Redactiewerk is, wat mij betreft, vooral een kwestie van concentratie. En om me goed te kunnen concentreren, dien ik me vollédig af te sluiten van mijn omgeving. In het gemiddelde koffietentje lukt me dat hooguit redelijk, afhankelijk van hoeveel tosti’s er besteld worden (‘Tosti ham-káás!’), hoeveel jonge gasten er elkaar begroeten (‘Hé man!’ – pats, plof, klap, tik, slep, smak), hoeveel flexwerkers er zitten te bellen (‘Nee, in een kóffietentje!’) en hoeveel knappe studentes er tegenover me zitten. Doorgaan met het lezen van “Zoals mijn laptop thuis tikt…”