Niche

Na een recente miskleun weet ik precies waar mijn niche ligt: ik heb een verhalende tekst nodig om deze goed te kunnen redigeren. Dit hoeft niet per se een fictief verhaal te zijn, ook verhalende non-fictie, zoals een biografie, gaat me prima af. Een niet-verhalende tekst of tekst zonder anekdotes kan ik hooguit taalkundig corrigeren, maar daar beleef ik weinig lol aan, waardoor mijn aandacht verslapt en ik inhoudelijke fouten, tegenstrijdigheden, germanismen et cetera over het hoofd zie. Doorgaan met het lezen van “Niche”

Appeltaart

‘Wacht even, had ze die appeltaart ál die tijd al in haar handen?’ schreef ik in de kantlijn van een manuscript dat ik onlangs redigeerde. Het was de zoveelste keer binnen een paar pagina’s dat ik struikelde. Zo bleek het personage zich ineens op een feestje te bevinden, terwijl ik tot dan toe dacht dat ze gewoon op bezoek was bij haar zus – zonder taart. Het werd een onbedoelde surpriseparty. Voor mij als redacteur welteverstaan. Doorgaan met het lezen van “Appeltaart”

Mijn complexcomplex

In m’n tienerjaren produceerde ik de ene na de andere dance- en ambienttrack, op mijn Amiga-computer met slechts vier geluidskanalen. Deze technische ‘beperking’ maakte me op de een of andere manier creatief. Later, toen ik mijn eerste pc kocht en overging op complexe sequencers waarin je honderden instrumenten op elkaar kon stapelen waarop je honderdduizenden effecten los kon laten, heb ik nooit meer een track afgemaakt. Doorgaan met het lezen van “Mijn complexcomplex”

Graag gedaan!

In mijn artikel over persklaar maken, in de mei-editie van Boekblad, staat één zin die ik anders had willen formuleren: De persklaarmaker wordt níét genoemd in het colofon. Want in hetzelfde stuk meld ik dat aan de totstandkoming van een boek van eigen bodem minstens vier redacteuren bijdragen: twee freelancers (de persklaarmaker en de corrector) en minstens twee redacteuren in vaste dienst. Die zouden dan natuurlijk alle vier genoemd mogen worden. Of bedankt in het dankwoord (al worden de vaste redacteuren daarin vaak wel genoemd).

Maar mot dat dan per se, genoemd of bedankt worden?

In het artikel benadruk ik tevens dat freelancen voor een groot deel neerkomt op jezelf etaleren, dus is het niet alleen netjes maar ook núttig om genoemd of bedankt te worden. Daarbij, ik zeg gewoon héél graag: ‘Graag gedaan!’

 

Persklaar maken

‘Het doel van persklaar maken is om van een manuscript vlot lopend Nederlands te maken,’ aldus de huisregels van een van de uitgevers die mij inschakelen als persklaarmaker. Diezelfde huisregels vermelden echter dat de schrijfstijl van de schrijver of vertaler intact dient te blijven. Daarnaast heeft elke uitgever zijn eigen voorkeur voor ‘weleens’ of ‘wel eens’, ‘u hebt’ of ‘u heeft’, voor één of twee accenten op ‘óé’ en ‘íé’ en voor ‘T-shirt’ met een hoofdletter T of een t in klein kapitaal. Doorgaan met het lezen van “Persklaar maken”

Mijn periodieke (heb je hém weer) nog-steeds-offline-stukje

Toen ik bijna zeven jaar geleden mijn kantoorbaan verloor, was ik thuis al offline en tv-loos (en checkte ik mijn mail en Hyves op kantoor, maar dat houden we even tussen ons), dus kon ik me eindelijk op mijn stapel ongelezen boeken storten. De perfecte digital detox na een periode van vijftien jaar die ik voor mijn gevoel non-stop gamend, surfend, programmerend, chattend en tv/serie/film-kijkend had doorgebracht. Doorgaan met het lezen van “Mijn periodieke (heb je hém weer) nog-steeds-offline-stukje”