Roodborstje

Het overkwam me in Schotland, jaren terug, en het overkwam me gister weer: ik hoorde een vogel fluiten die ik niet eerder hoorde. Beide keren bleek het een roodborstje te zijn; een vogeltje dat ik al mijn leven lang (of elk geval sinds ik erop ben gaan letten) vrijwel dagelijks zie en hoor.

Dat zegt iets over zijn vocabulaire, lijkt me.

Over over mij, kan ook.

Improviseren

Ooit liep ik de West Highland Way in Schotland en raakte ik ergens halverwege in vervoering door het gezang van een vogel. Het duurde even voor ik hem gelokaliseerd had tussen de bomen en toen ik zag dat het een roodborstje was, verbaasde me dat: die had ik thuis toch ook weleens horen zingen?

Zojuist zat er een roodborstje op mijn balkon, uit volle bost aan het zingen naar een soortgenoot, die zo te horen een balkon verder zijn of haar serenade beantwoordde. Ongelooflijk hoe rijk hun repertoire is; geen twee keer hetzelfde riedeltje. Alsof ze eindeloos improviseren.

 

Gele kwikstaart

Ik wilde een stukje tikken om te proberen iets van de magie over te brengen van de gele kwikstaart die ik vanmorgen op het ijs van de Delftse grachten zag huppen. Heb zelfs even zitten pennen op een rijmpje (iets met ‘kwik’ en ‘onder nul’), maar die magie kun je evenmin in woorden als op beeld vangen. Je moet het zelf zien.

En ook wíllen zien, want sinds ik erop let, zie ik vogels die ik al jaren niet gezien heb, of nooit eerder.

Zo zag ik daarna nog een koperwiek in het gras; zeg maar een merel, maar met meer franje. En tevens gespot in de afgelopen maanden: een zilverreiger (hier in Ypenburg), een zwarte roodstaart (op de Binckhorst) een fitis of tjiftjaf (bij mijn ouders in de tuin) en, vorige zomer (langs een slootje in het weiland tussen Delft en Schiedam), een rietgorsje, rietzangertje en blauwborstje, met z’n drieën op een rij.